|
1986 Op een avond, na een zonnige dag op het naturistenterrein doorgebracht te hebben, werd ik opgebeld door een vriendin. Ook een alleenstaande moeder met drie kinderen in de leeftijd van Erik, Jeroen en Anke. “Ietje, weet je wat ik op het terrein heb gehoord? B. is gesnapt toen hij met een kind achter op het terrein aan het rotzooien was. Hij is gewoon een ordinaire pedofiel, ik waarschuw je maar want jouw jongens gingen toch ook af en toe met hem aan de wandel?”. Ik kon mijn oren niet geloven, was stomverbaasd. Dat kon niet waar zijn. Die nette man die zo principieel niet rookte, niet dronk, vegetariër was en altijd zo belangstellend en serieus met iedereen en mij en mijn jongens praatte? Die man met zijn moederlijke vrouw en twee kinderen? Die ieder weekend uit het oosten van het land naar de sauna kwam en vorig jaar nog bij ons thuis langs kwam en vroeg of Erik mee mocht naar Schiphol, omdat hij daar een interview in de VIP-room had? Die thee bij ons thuis dronk? Die de jongens motiveerde om flink aan te pakken op school etc. Die man?? Die man die, toen ik met Erik bij een endocrinoloog liep omdat hij zo klein bleef, zo belangstellend informeerde naar hoe het nu met hem ging??? Hij was de laatste van wie ik me dat kon voorstellen. Ik vroeg het aan Jeroen. En Jeroen die altijd zo open was ontkende. “Nee hoor mama, dat is niet waar, hij judoot alleen wel eens met ons en we bekijken planten en vogels”. Ik geloofde Jeroen meteen en belde mijn vriendin terug en vertelde dat Jeroen er niets van wist en dat B. alleen maar sportte met de kinderen. Daarna belde ik B. – ik vond die verdachtmaking akelig voor hem - en vroeg of hij wist wat voor praatjes er de ronde deden op het terrein. Ben jij een pedofiel? Eerlijk zeggen hoor! Hij deed verontwaardigd en ontkende in alle toonaarden. Zei: “Ietje, toe nou, ik ben geen homofiel”.Wel vreemd bedacht ik me later dat hij me aan het eind van het gesprek nog bedankte voor het telefoontje en zei dat hij – B. was ook fotograaf – voor de zekerheid wel alle foto’s die hij had gemaakt van al de jongens meteen zou vernietigen. ’s Avonds in bed liet het me toch niet los. Hoewel ik in de verste verte geen voorstelling had van seksueel misbruik bij jongens (wel bij meisjes) ging ik nadenken. Flash backs. Er speelde van alles door mijn hoofd. Hoe zat het vroeger ook alweer? Want toen Erik nog thuis woonde ging ook hij wel eens met B. op stap. Dan belde B. soms op als hij in de buurt was en haalde hem dan op uit school en B. vroeg me ook of hij hem een keer naar de redactie kon meenemen (om Erik te motiveren zijn school af te maken, want Erik was toen – eufemistisch uitgedrukt – een turbulente, dwarse puber). Achteraf bleek dit voor een groot deel veroorzaakt te zijn door B; Erik was door alles vreselijk in de war. Hij heeft Erik toen ook een keer opgehaald toen hij in Wageningen bij zijn vader en zijn vrouw logeerde. Z’n vader zei me – toen hij de kinderen na dat weekend thuis bracht – dat hij het wel een typische man had gevonden. En hij had vast gelijk, maar dat zie je niet als je iemand al zo lang kent. Op het terrein genoot hij aanzien. Het leek een warm voorbeeldgezin met een beetje erg principiële* vader en een stille, rustige moeder. Nee hoor, het kon niet waar zijn. Maar kijk naar de R.K.-kerk en naar streng christelijke groeperingen, daar werd (wordt als het even kan nog!) alles onder het vloerkleed geveegd. Lees de boeken van Ireen van Engelen maar, o.a. “Jij mag nablijven”. (Principieel? ik ben er allergisch voor geworden). Erik was in die tijd al een jaar uit huis. Woonde bij een geweldig aardige/goede pleegvader (Ed) en het ging goed met hem. ‘k Had een prima contact met Ed, we overlegden iedere week met elkaar en de band tussen Erik en mij was gelukkig een stuk beter geworden. Opeens schoot me iets te binnen. En ik schrok, want toen Erik net bij Ed woonde had B. me een keer gebeld om het telefoonnummer van Erik te vragen. Dat gaf ik hem gewoon, maar niet veel later belde Erik me boos op en zei dat ik zijn nummer niet aan B. had mogen geven. Ik was stomverbaasd en zei dat later tegen B. toen ik hem op het terrein trof. “Ach ja, zo zijn pubers”, reageerde hij toen. Zou hij Erik ook??? Ik had geen rust meer en de volgende dag belde ik Erik. Ik vertelde hem het verhaal en tot mijn ontzetting bevestigde hij het verhaal van mijn vriendin. Toen Jeroen thuis kwam uit school heb ik hem verteld wat Erik had gezegd. Jeroen bleef lange tijd stil en zei toen, ja mama hij heeft het wel eens geprobeerd maar ik wilde het niet. Ik belde mijn vriendin en we spraken af dat we het bestuur zouden vragen B. te schorsen. Het bestuur besloot een gesprek aan te gaan met B. en dat vond plaats in een op het kantoor van Zon en Leven in Utrecht . Daar werd afgesproken dat B. de jongens ( het waren er meer) zijn excuus zou aanbieden. Het gesprek daarop met de jongens (zonder moeders, dat wilden de jongens niet) bleek een lachertje. Hoewel de bestuursleden echt hun best deden het gesprek in goede banen te leiden kreeg B. – gladde prater die hij was – het voor elkaar dat hij er eigenlijk niets aan kon doen omdat de jongens hem verleid hadden!! Sic!! We overwogen toen wel aangifte maar hadden compassie met zijn 2 aardige kinderen en vrouw. Klinkt nu vreemd, maar wat wisten we in die tijd van de schade bij jongens? We wisten nauwelijks wat seksueel misbruik inhield. Je las en hoorde alleen maar over meisjeskinderen, niet over jongenskinderen. Naast schorsing werd door ons de eis gesteld dat B. zich zou laten behandelen. Een oudere vriendin van ons die ook altijd op het terrein kwam werkte bij de Rutgersstichting en zij zou checken of hij de therapie ging volgen. Dat deed B. echter niet hoorden we al gauw; hij ging gewoon met zijn gezin op vakantie naar Frankrijk. Laaiend waren we en we besloten toch aangifte te doen. Dit was de bloody limit. We hadden ons door hem laten inpakken. Ik heb toen zijn vrouw ’s avonds gebeld en verteld wat ik van hem dacht en ook gezegd dat zij er van moet hebben geweten of het in ieder geval vermoed moet hebben! Voor de ontdekking kampeerden we eens in Bretagne met Marjolein, Tanno en alle kinderen. Het werd daar slecht weer en we besloten af te zakken naar het zuiden. Zwager en schoonzus stonden daar ook in de buurt en we zochten hen op. Op diezelfde camping stond B. met zijn gezin. We kwamen hem bij toeval tegen en hij was verrast ons te zien en vroeg na een babbeltje of Erik een dagje bij hen kwam om een strandwandeling te maken. Wat bleek later? en dat hoorde ik van mijn schoonzusje. Erik was tussen de middag maar bij hen komen eten want hij mocht van B’s vrouw ( ze baalde natuurlijk dat haar man weer met een jongen aankwam) niet bij hen binnen komen eten en hij had trek! Raar gezin hoor, zei hij, die dochter (15 jaar) mag ’s avonds haar tent niet uit, hij heeft takken voor de ingang gelegd zodat hij het hoort als ze er uit komt. Ze mag niet uit, niet met jongens omgaan. Op het naturistenterrein kwamen twee kampen. De meeste ouderen waren kwaad dat wij dat wilden doen. “Wat zal die nu helemaal gedaan hebben”, zeiden ze, “een beetje gefriemel misschien? jullie richten dat hele gezin ten gronde”. En ook de kreet: ‘Slecht voor onze reputatie”. Maar er waren gelukkig ook mensen die ons groot gelijk gaven. Al gauw bleek dat er meer jongens waren die vroeger door hem seksueel benaderd waren. We hebben hun ouders gevraagd of ze mee wilden gaan met hun jongens om aangifte te doen en toen bleek toch de angst van ‘wat zal de buitenwereld daarvan vinden?’ het te winnen. Als wij aangifte deden hoefden zij het toch niet meer te doen? Gelukkig wilden Erik en M. wel getuigen en ook mijn vriendin G. en ik. Jeroen wilde niet. Hij zei:”Mama, hij komt nou toch niet meer, dan is het voor mij niet nodig”. ( Nee hij durfde niet, weet ik sinds de ‘vakantie’ in Spanje, natuurlijk wilde Jeroen niet. Begrijpelijk! Hij was al zo getraumatiseerd van het gepest en getreiter op Broklede en nu ging het net zo fijn op school, hij was er als de dood voor dat hij weer zo gepest zou worden als het bekend zou raken!). Ik heb de jongens gezegd dat ik het nodig vond dat hun vader dit ook moest weten. Dat mocht echter onder geen beding. Zeggen jullie het dan zelf, vroeg ik. Nee, dat wilden ze ook niet. Ik voelde me er rot onder, bleef zeggen dat ik er ook met hem over wilde praten, dat het mijn verantwoording was, maar ze werden kwaad als ik het weer opperde. Uiteindelijk kreeg ik voor elkaar dat ik er wel met een vriendin, mijn zus en een zwager en schoonzus over mocht praten. Aan hen heb ik het toen verteld en gevraagd wat ik nu moest doen. Mijn zwager vond dat ik het toch beter wel kon zeggen. Mijn zus en schoonzus waren bang dat ik het vertrouwen van de kinderen zou beschamen als ik het tégen hun zin toch zou doen. Jeroen zei tenslotte:”Mama, weet je, we hebben in Wageningen met papa afgesproken dat jij geen doorgeefluik bent, maar dat we dingen waar we mee zitten zelf zouden vertellen. Papa heeft dat jou trouwens ook gezegd”. We doen het heus wel een keer. maar nu nog niet. Ik liet het voorlopig voor wat het was. Erik was de deur al uit tenslotte en Jeroen was 15 jaar en weer gelukkig op school. De aangifte: wordt vervolgd…
|